Als je met mensen spreekt over bijbelse waarheden die
tegen hun gedachten en handelingen ingaan dan krijg je vaak het antwoord
"Ik dien God wel op mijn manier" of " Het komt allemaal
zo nauw niet" enz ... .
Maar klopt deze gedachte wel? Is het voor God goed
dat we hem aanbidden op welke wijze dan ook, als we Hem maar aanbidden
en dienen?
Het voorbeeld van Nadab en Abihu:
"En de zonen van Aaron, Nadab en Abihu, namen ieder zijn vuurpan, deden daar vuur in en legden daar reukwerk op; zo brachten zij vreemd vuur voor het aangezicht des Heren,
. 2 Toen ging er vuur uit van de Here en dit verteerde hen, zodat zij stierven voor het aangezicht des Heren."
(Leviticus 10:1-2)
- De zonen van Aaron waren priesters.
- zij namen ieder hun eigen vuurpan en legden daar reukwerk op.
- maar zij brachten een vreemd vuur voor God, hetgeen God hun niet had
geboden.
- God verteerde hen hiervoor en zij stierven.
Hoewel de preciese overtreding van Nahab en Abihu niet echt duidelijk
is, weten we wel dat zij iets deden "hetgeen
God hun niet geboden had". Dus,
hoewel zij dachten/voelden God een plezier te doen door Hem een offer te
brengen anders dan God had bevolen, maakte hun offer God toornig.
"Neem u ervoor in acht, dat gij de Here, uw God, niet vergeet door zijn geboden, zijn verordeningen en zijn inzettingen, die ik u heden opleg, te verwaarlozen,"
Deuteronomium 8:11
De gebeurtenissen van Israel
zijn ons tot voorbeeld:
Lees 1 Korintiërs 10:1-11.
"Deze gebeurtenissen zijn ons ten voorbeeld geschied, opdat wij geen lust tot het kwade zouden hebben, zoals zij die
hadden" 1
Korintiërs 10:6. Daar waar Israel
faalde, moet voor ons een waarschuwing zijn, opdat wij niet zoals hun
gaan handelen. De dingen die hun zijn overkomen, moet "een voorbeeld voor ons"
zijn en
"het is opgetekend ter waarschuwing voor ons".
Hoewel het oude verbond niet meer geldig is voor ons omdat wij leven
onder het nieuwe verbond, behoren wij een voorbeeld te nemen aan:
1) de relatie tussen God en Israel onder het OT.
2) de woorden van Jezus (Handelingen
20:35).
3) de woorden van de apostelen (2
Timoteus 1:13).
Ja maar, God is liefde
Mensen werpen dit argument vaak op. En het is inderdaad waar, God is
liefde. Maar dat neemt niet weg dat God OOK een verterend vuur is en dat
Hij buiten barmhartig en genadevol, ook rechtvaardig is. Mensen die zo
denken en handelen (ja maar,...), willen maar één kant van God zien en hebben een
verkeerd beeld van God, een beeld dat door toedoen van menselijke
gedachten onder invloed van satan is vervaagd van de werkelijkheid.
Enkele voorbeelden van wie God is:
- God is een straffer van ongehoorzaamheid (2
tessalonissenzen 1:8).
- God is een verlosser (Jesaja
45:21).
- God is toornig (2 Kronieken 6:36).
- God is liefde (1 Johannes 4:16).
- God is naijverig, di jaloers, afgunstig (Deuterenomium
6:15).
- God is rechtvaardig (Hebreën
6:10).
- God is onveranderlijk (1 Samuel
15:29).
- God is barmhartig en vergevend (Daniël
9:9).
- God is getrouw (1 Korintiërs
9:9).
- God is ontzagwekkend (Psalm 89:7).
- God is groot en vreselijk, di vrees en eerbied opwekkend (Deuteronomium
7:21).
Kan je zeggen omdat God barmhartig is, dat Hij daardoor niet naijverig
kan zijn? Nee!
Kan je zeggen omdat God liefde is, dat Hij daardoor niet toornig kan
zijn? Nee!
Kan je zeggen omdat God vergeeft, dat hij daardoor geen straf uitoefent
over ongehoorzaamheid? Nee!
"en mijn rechtvaardige zal uit geloof leven; maar als hij nalatig wordt, dan heeft mijn ziel in hem geen welbehagen."
Hebreen 10:38
Onze God, een verterend
vuur:
Het Nieuwe Testament leert ons dat we God behoren te dienen op Zijn
wijze.
"Laten wij derhalve, omdat wij een onwankelbaar koninkrijk ontvangen, dankbaar zijn en hierdoor God vereren op een Hem welbehagelijke wijze met eerbied en ontzag,
want onze God is een verterend vuur."
Hebreên 12:28-29.
Zie ook het voorbeeld van Ananias en Saffira (Handelingen
5:1-10).
Conclusie:
Christenen zijn priesters van God
(Openbaring 1:6),
laten wij geen priesters zijn zoals Nahab en Abihu, maar priesters die
nauwgezet navolgen wat God wil. We doen God geen plezier met Hem te dienen en te aanbidden zoals wij dit
graag willen of zoals wij denken dat het goed is. We behoren Hem te
aanbidden op een wijze die voor Hem welgevallig is! Enkel de bijbel is
daarbij onze gids.
"Daarom stellen wij er een eer in, hetzij thuis, hetzij in den vreemde, Hem welgevallig te zijn."
2 Korintiërs 5:9.
Laat dit ook jouw eer zijn, nl om God welgevallig te zijn.
"Geliefden, als ons hart ons niet veroordeelt, hebben wij vrijmoedigheid tegenover God,
en ontvangen wij van Hem al wat wij bidden, daar wij zijn geboden bewaren en doen wat welgevallig is voor zijn aangezicht."
1 Johannes 3:21.
Je hart zal je niet veroordelen indien je Zijn geboden bewaart en doet
wat welgevallig in voor Zijn aangezicht.
Ga met God en Hij zal met je zijn.
Vorige
|