I Wij hebben slechts
gedaan wat wij moesten doen
Lukas
17:5-10
Wat Jezus zijn discipelen wilde leren:
Zij
die Christus gehoorzaam zijn moeten niet denken dat hun gehoorzaamheid
tot persoonlijke verdiensten leidt
Onnutte slaven: niet waard bijzondere eer te krijgen
God verwacht nederigheid, gehoorzaamheid en wil niet dat mensen op
zichzelf vertrouwen
De mens kan God nooit vergoeden voor de genade die Hij schenkt
Uitersten in genade:
1)
God doet alles, Hij geeft je genade of niet, je hebt er niets aan te
zeggen.
- God selecteert zij die behouden zijn en wie niet (calvinisten)
2) Je hoeft enkel te geloven (zondaarsgebed) en dan ben je eens voor
altijd gered door genade, het maakt niet uit hoe je na je redding leeft.
- gered door geloof alleen, zij leren dat een mens niet moet
gedoopt worden om vergeving van zonden te ontvangen (evangelischen)
3) Je moet goede werken (liefdadigheid, … )doen om gered te worden,
zij die denken dat ze door goede werken te doen hun redding hebben
verdiend.
- zichzelf overgeven aan een systeem van regels/goede werken om
daardoor behouden te worden (katholieken, moslims - soerah 101:6-9)
->
dit zijn allemaal dwaalleren !!!
II Een mens wordt
gered door genade
Efeziërs
2:1-9
Een mens
is dood door de overtredingen
Beseffende dat men een dienaar is van satan
Beseffende dat men geestelijk dood is, zonder hoop op God
Beseffende dat men de toorn Gods verdiend
Maar
wordt levend gemaakt met Christus (vgl Kol 2:11-14 – SVV)
Christenen zijn opgewekt in Christus Jezus en zijn een plaats gegeven in
de hemelse gewesten
Door genade wordt men behouden, door het geloof (genade: een gunst van
God die je niet verdient, noch ooit kan verdienen)
Genade, noch het geloof is uit uzelf het is een gave van God
Niet uit werken opdat niemand roeme
De nieuwe schepping in Christus is
geschapen om goede werken te doen, die God bereid heeft om daarin te
wandelen
Niet uit werken?
Niet uit
deze werken:
Werken van het vlees: Gal 5:19-21
Eigen werken: Hand 7:41; Kol 2:20-23; Rom 10:1-3
Werken van de wet van Mozes: uit de werken der wet zal geen mens voor
God gerechtvaardigd worden
(Gal 2:16-21; Hand 13:39) -
vgl Gal 5:1-8
Wel uit dit werk
Werken
van geloof: Joh 6:29
Het werk dat God verwacht is het geloof en de gehoorzaamheid aan het
evangelie van Jezus Christus (Mark 16:15-16)
Wie dat doet wordt niet uit eigen verdienstelijke werken behouden, maar
door genade (Tit 3:4-5)
III Geloof zonder Gods bereide werken is dood
Jac
2:14-26
Geloof
dat niet met werken gepaard gaat is dood (vs 17)
Het is niet voldoende door te zeggen ik heb geloof en gij de werken (vs
18)
Geloof wordt zichtbaar uit de werken (vs 18)
Boze geesten geloven ook maar zij sidderen (vs 19)
Het voorbeeld van Abraham leert ons dat geloof samenwerkt met een mens
zijn werken en pas volkomen wordt uit de werken (vs 20-23)
Een mens wordt gerechtvaardigd uit werken en niet alleen uit geloof
Een geloof zonder werken is DOOD!
IV Zullen wij
zondigen omdat we onder genade zijn?
Rom
6:15-23
Absoluut
niet (vs 15)
Als gij uzelf in dienst van Christus stelt, moet gij gehoorzamen om
gerechtvaardigd te worden (vs 16)
Van harte gehoorzaam worden aan de leer van de apostelen (vs 17)
Wie vrijgemaakt is van de zonde is in dienst van de gerechtigheid (vs
18)
Net zozeer als men zijn lichamen gebruikte om goddeloos te leven, zo
moet men nu zijn lichamen gebruiken om goddelijk te leven (vs 19 – vgl
Rom 12:1-2)
De genade die God schenkt in Christus Jezus is het eeuwige leven (vs 23)
V Conclusie
We
worden gerechtvaardig door het geloof in Jezus Christus (Rom 5:1,9)
Pas op voor goddelozen die de genade van God in losbandigheid veranderen
(Jud 1:4)
“Want dit is het bloed van mijn verbond,
dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden” Matt
26:28
God heeft Zijn deel gedaan nu is het aan ons: Wat moeten wij doen? “Bekeert
u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot
vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des Heiligen Geestes
ontvangen” Hand 2:38
Wanneer we als christen hebben gefaald laten we dan teruggrijpen naar de
genade “Indien wij onze zonden belijden,
Hij is getrouw en rechtvaardig, om ons de zonden te vergeven en ons te
reinigen van alle ongerechtigheid” 1 Johannes 1:9
Vorige